School year 2002-2003

[ back to index - terug naar overzicht ]


Hallo, ik ben Lotje en ik ben 11 jaar. Ik hou mijn werkstuk over de zeehond. Ik heb dit dier uitgekozen, omdat ik er veel van weet. Mijn oma werkt bij Ecomare, dat is een zeehondenopvang op Texel. Ik mag vaak met haar mee naar Ecomare, en daar leer ik veel over zeehonden en het leven onder water.

Inhoudsopgave

1. Zeehondensoorten

2. De geboorte

3. Uiterlijk

4. Waar de zeehonden wonen

5. Bedreiging en bescherming

Hoofdstuk 1

Zeehonden soorten


De gewone zeehond is een kleine en ronde zeehond. Hij komt voor bij de kust van de Atlantische Oceaan. Er leven maar nog maar een half miljoen gewone zeehonden. 

De Phocinae ( noordelijke zeehonden )
De negen soorten van deze hebben opvallende klauwen aan de voorvinnen. De jongen worden geboren met een witte lange geboortevacht (of nesthaar).

De Moachinae (zuidelijke zeehond)
Deze familie bestaat uit negen soorten. Sommige daarvan zijn heel zeldzaam zoals de Monniksrob. Van alle soorten zijn er nog maar een paar van over!

Kegelrob of grijze zeehond.
De Kegelrob is een flink dier en komt voor langs de kust van Groot Brittanie. Er leven zo'n driehonderd van in de Waddenzee. Hij is grijs. Ze duiken tot diepten van honderd meter.

Zadelrob.
Er worden per jaar duizenden zadelrobben gedood. Hij heeft een soort U op z'n rug, vandaar zijn naam. In het Noordpoolgebied leven misschien wel vijf miljoen zadelrobben.


Dit is een Klapmuts

Baardrob en Klapmuts 
Baardrobben zijn grote dieren. Ze hebben aan hun kin een soort baard, vandaar de naam. De Klapmuts zie je haast nooit in de Waddenzee. Volwassen mannetjes kunnen hun linker neusgatvlies opblazen tot een grote rode bal.

Ross zeehond, krabeter en zeeluipaard.
De Ross zeehond is klein. De krabeter is waarschijnlijk de meest voorkomende zeehond, er zijn er zo'n 75 miljoen exemplaren van.

Weddel zeehond 
De Weddel zeehonden worden het meest dichtbij het land aangetroffen. De mensen kunnen hem aanraken zonder dat hij wakker wordt. Ze kunnen duiken tot een diepte van zeshonderd meter. Dat is erg diep.


Band-, stink-, Bajkal en Kaspische rob.
De stinkrob is 1,4 meter lang. De jagers willen de bandrob hebben om zijn huid. De Bajkal rob leeft in het zoet Bajkal meer.
De Kaspische rob komt voor in de Kaspische Zee voor.


Hoofdstuk 2

De geboorte

Als het vrouwtje gaat bevallen, zoekt ze eerst een rustig plekje. Na de bevalling likt ze haar jong schoon. Na een paar dagen wordt de vacht spierwit, de lange haren staan wijd uit. Met z'n schattige en donkere ogen lijkt zo'n jong wel een knuffeldier. 
Als de moeder weggaat om vis te vangen, begint het jong te krijsen. Ze komt af en toe wel eens met haar kop boven water, om naar haar jong te kijken. Ze blijft nooit langer dan tien minuten weg.
Na een dag of tien zijn de zeehondjes een stuk dikker geworden. Ze kijken dan meestal door het gat waar hun moeder verstopt zit. Het jong valt misschien wel eens in het water, maar hij merkt niks van de kou, door zijn vetlaag. Zwemmen gaat in het begin niet erg goed, maar door zijn vetlaag blijft hij drijven. Die vetlaag is dus erg belangrijk.
Pas als het jong zijn lange witte haren kwijt raakt, kan hij goed zwemmen.


Hoofdstuk 3

Kenmerken van de zeehond
Uiterlijk
De grijze zeehond is groter dan de gewone zeehond. De grijze zeehond heeft ook een langere, hondachtige snuit. De gewone zeehond heeft een wat rondere, kleinere snuit en een bolle kop.
Het verschil tussen mannetjes en vrouwtjes, is bij de grijze zeehond te zien vanwege de kleur en de grootte. De vrouwtjes wegen zo'n 160 kilo en de mannetjes rond de 250 kilo. De kleur vacht bij de mannetjes is: donkere vacht met lichte stippen en bij de vrouwtjes andersom. Bij de gewone zeehond zie het verschil bijna niet.

Snorharen
Zeehonden hebben hele gevoelige snorharen. Daarmee kunnen ze onderwater vis opsporen. Ze voelen daarmee welke kant de vissen op gaan. Zo komen ze dus aan voedsel.

Oren
De oren van de zeehond zijn afsluitbaar, daardoor komt er geen water in.
De oren kun je herkennen als kleine gaatjes aan de zijkant van hun kop.

Zicht/kleur
Zeehonden kunnen onder water heel ver kijken. Ze hebben ook van die bollige ogen.
Het nadeel is dat ze boven water alleen van heel dichtbij kunnen zien.
Sommige zeehonden kunnen kleuren zien, maar de meeste niet.

Leeftijd
Aan het gebit kan je zien hoe oud de zeehond is. Elk jaar komt er een nieuw laagje glazuur over de oude heen.
Als je de tand door midden snijdt, kun je de glazuurlagen tellen en weet je dus hoe oud een zeehond is geworden. 

Geluiden
Als dieren indruk op elkaar willen maken, doen ze dat met geluiden. Het zijn grommende geluiden. Ook de moeders gebruiken deze geluiden, om met hun jong te communiceren. 



Hoofdstuk 4

Waar de zeehonden leven

De gewone zeehonden leven in ons land gewoonlijk op - en langs de zandbanken. Ze leven ook in de Oosterschelde, in Zeeland, maar daar komen ze het minste voor. Zeehonden komen voor in het Wadden gebied. Van Den Helder tot Esbjerg, dat ligt in Denemarken. Verder leven ze ook in het noordelijke deel van de Atlantische Oceaan, de Noordzee, de Lerse zee en de Oostzee. 
In Noord Europa leven nog twee soorten zeehonden: de kleine zeehond (ringelrob) en de zadelrob. De ringelrob leeft in het noordelijke deel van de Botnische Golf en de Finse Golf. En verder het Noordpoolgebied. Vroeger waren er zo'n 300.000 ringelrobben in het Oostzee gebied. Tegenwoordig maar 7.000. Ze leven niet in groepen. Dan de zadelrobben: de zadelrobben komen uit het hoge Noorden. Meeste leven rondom de Noordpool.
Bij ons zijn de zadelrobben erg zeldzaam. Deze zeehonden leven wel in groepen. In 1987 was er voedseltekort ontstaan, toen zijn ze naar het Zuiden gezwommen. Daar leeft nog een andere soort zeehond: de monniksrob, dat is een uitstervende soort.
De volwassen monniksrobben zijn 2,80 tot 3,08 meter lang en wegen 300 tot 400 kilogram. Het jong is ongeveer een meter lang.



Hoofdstuk 5

Bedreiging en bescherming

In de tijd dat er veel gejaagd werd op de zeehond, was tussen 1950 en 1970 in Canada. Het was vreselijk in die tijd. De jonge zeehonden van ongeveer twee weken oud, werden gescheiden van hun moeder en vervolgens werd er een knuppel op hun kop geslagen. De jagers slaan ook de schedel kapot van het jong om er alleen maar er voor te zorgen dat het huidje niet werd beschadigd. Greenpeace teamleden bespoten de vacht met verf, zodat de jagers dachten: wat een lelijke vacht die moeten we niet hebben. De meeste huiden werden verkocht op de Europese en Amerikaanse markt. Hoewel de bonthandel in ons deel van de wereld verboden is.

In 1999 werd er toestemming gegeven in Canada om huiden binnen te halen. Greenpeace was daar natuurlijk tegen, maar je kunt goed merken dat er tussen die tijd veel minder gejaagd word. In Nederland valt het nu allemaal wel mee, maar vroeger was er ook wel veel gejaagd, vooral op de gewone zeehond. En ook zonken er veel boten en daardoor lieten vaten olie los. Nu word er in Nederland niet meer gejaagd op zeehonden, maar er dreigt overal nog gevaar, bijvoorbeeld de zeehonden ziekte. De wetenschappelijke naam van de zeehond is Phoca Vitulina en hij is erg kwetsbaar en bedreigd. 

Zeehonden zijn mooie dieren, maar het gaat nog steeds niet goed, want de zeehondenziekte is weer uitgebroken. Veel zeehonden worden besmet met deze ziekte. Zeker de helft van wat er nu is gaat waarschijnlijk dood.
De zeehonden hebben geen trekroute, het liefst blijven ze in het Waddengebied bij de zandbanken, daar is veel vis, en waar vissen zijn, zijn zeehonden. Er zijn in totaal nog maar dertig soorten zeehonden. Twee soorten leven rond Nederland: de gewone zeehond en de grijze zeehond. Nederland heeft twee opvangcentrums: Ecomare en zeehondencreche Pieterburen. Zeehonden worden gemiddeld 18 jaar in het wild, in het opvangcentrum meestal ouder dan 38. Ze eten gemiddeld 4 kilo vis per dag. (dat is erg duur) 
Veel mensen bouwen acties op, voor meer geld. 


Oeps!

Bronvermelding

Boek: Zeehond en Waddenzee van knuppelen tot knuffelen.
Website: www.ecomare.nl 
Yvonne Buisman met het werkstuk de zeehond

[ back to index - terug naar overzicht ]