De Wijngaardslak

Geschreven door Laura (groep 8 - De Wadden)

Inhoud

1. Wat is een slak? Soorten,uiterlijk

2. Waar wonen ze? 

3. Voortplanting, leven. Hoe oud? 

4. Hoe en wat eten ze? 

5. Vijanden van de wijngaardslak. 

6. Consumptie van de wijngaardslak.

7. Bescherming. 

8. Slotwoord. 

9. Geraadpleegde boeken en websites. 


De Wijngaardslak, een beschermd dier.



Wat is een slak? Soorten, uiterlijk.


De succesrijkste groep onder de weekdieren zijn de slakken (gastropoden = buikpotigen), zij zijn in individuen- en in soortental, na de de insecten de belangrijkste dierengroep. Van bijzonder belang voor de mens zijn o.a. leverbotslakjes en de schijfhoornslakken, deze soorten treden namelijk op als tussengastheer van zeer schadelijke ziekteverwekkende organismen (de veroorzakers van leverontsteking en schistosomiasis). Slakken behoren tot de oudste bekende vertegenwoordigers van het Dierenrijk. Reeds aan het einde van het Precambium verschenen de eerste zeeslakken (zeeslakken behoren tot de Voorkieuwigen), de eerste landslakken dateren van het boven-Paleozoicum. De ruim 60.000 recente soorten (men kent daarnaast een zeer groot aantal uitgestorven soorten) worden verdeeld in drie onderklassen, de voorkieuwigen, de achterkieuwigen, tezamen kieuwslakken geheten, en de longslakken (Pulmonata). Een slak heeft een voet, een kop en een mantel en eventueel een huisje. De mantel, een oorspronkelijk achter het lichaam gelegen huidplooi, vormt een holte, de mantelholte of ingewandszak genoemd. Hierin liggen de o.a. het hart , de middendarmklier, of de kieuwen of de longen, de geslachtsorganen en de anus. De Longslakken worden gekenmerkt door een sterk doorbloede mantelholte, die dienst doet als long, de voorkieuwigen hebben de kieuwen voor en de Achterkieuwigen hebben de kieuwen achter het hart gelegen. De soortenrijkste groep ( ca 40.000 soorten) wordt gevormd door de voorkieuwigen 
en bestaan grotendeels uit zeebewoners. De achterkieuwigen vormen de kleinste groep ( ca 2.000 soorten) en bestaan eveneens vnl. uit zeebewoners. Zeer divers (ca 20.000 soorten) zijn de longslakken, die voornamelijk op het land leven. Alle onderklassen zijn echter in alle milieus (inclusief het zoete water) vertegenwoordigd. De ingewandszak wordt bij de huisjesslakken beschermd door de schelp. Al in het larvestadium vindt een draaiing (torsie) van het schelp-ingewandszak-complex plaats. Een gewonden schelp vereist een asymmetrische groei,wat weer tot ruimtegebrek leidt, zodoende zijn bij de meeste groepen, door de rechtse winding, de rechterkieuw, de rechterboezem van het hart en de rechternier verdwenen. Detorsie ( = ontwinding) kan in verschillende gradaties optreden, vooral bij de zeenaaktslakken kan de detorsie bijna volledig zijn.Door de draaiing ligt de geslachtsopening rechts achter de tentakels. De wijngaardslak (Helix pomatia Linnaeus)(Helix = winding, pomatia = van de boomgaard, Linnaeus = de ontdekker) is een longslak met een huisje. Dat huisje kan tot 50 mm breed en hoog worden en is daarmee de grootste onder de huisjesslakken in West Europa. Het huisje is wittig tot donkerbruin en onduidelijk gebandeerd.De wijngaardslak is een geliefd laboratorium-dier en daarom is de kennis erover zeer groot ten op 
zichte van andere soorten slakken. 

Waar wonen ze?

Hoewel zijn naam anders suggereert, houdt hij zich niet alleen in wijngaarden of boomgaarden op,maar overal in niet te vochtige en met struikgewas begroeide streken. In Midden en Zuid Europa leeft hij algemeen op kalkhoudende bodem. Door het bezit van een natuurlijke tijdklok graaft de wijngaardenslak zich aan het begin van de winter bijtijds in losse grond in tot een diepe van 30 cm. De voorjaarswarmte zorgt ervoor dat hij weer actief wordt, hij herstelt zich van de doorstane ontberingen en compenseert vooral het waterverlies. De wijngaardslak word in Nederland waargenomen van maart tot en met oktober. Je kunt zeggen dat de wijngaardslak een warmteminnende soort is.


Voortplanting, leven. Hoe oud?

Wijngaardslakken paren tijdens vochtige dagen in mei of juni. De tweeslachtige dieren (hermafrodieten) richten zich met de zolen en lichaamsholtes tegen elkander op en elke slak laat uit een pijlzak een kalkachtige dolk de z.g.n. liefdespijl naar buiten schieten, die diep in het weefsel van de partner binnendringt. Deze liefdespijl maakt zeer sterke seksuele gevoelens los bij de andere partner, waarna spermatozoiden via de tegen elkaar gedrukte openingen in de lichaamsholtes worden uitgewisseld. wijngaardslakken produceren overigens gedurende het gehele warme jaargetijde spermatozoiden, maar slechts korte tijd eitjes (juli, augustus). Tijdens de ei-afzetting worden de vreemde spermatozoiden in een zaadzakje opgeslagen, terwijl de eigen spermatozoiden degenereren, zodat niet door toevallige omstandigheden zelfbevruchting van de rijpe eitjes plaatsvindt als deze om het zaadzakje te bereiken door de eileider glijden. De bevruchte en zoals bij bijna alle landlongslakken zeer dooierrijke eitjes worden door de wijngaardslak in een in de grond gegraven kuiltje afgezet, ze zijn ongeveer 3 mm groot en hebben een kalkachtige schaal.Een wijngaardslak kan binnen 2 dagen 60-80 eitjes leggen. Na 25-27 dagen komen de jonge slakjes te voorschijn, zij lijken op de volwassen dieren, maar hebben nog wel een teer en doorzichtig huisje. Na een overwintering is het huisje dik en ondoorzichtig geworden. Bij meerjarige huisjes kunnen we de ouderdom van de betreffende slak vaststellen door het aantal "jaarringen" te tellen die door een tijdelijke stilstand in de groei (gedurende de winter) ontstaan. Wijngaardslakken kunnen bijzonder oud worden. In de vrije natuur met al zijn bedreigingen 5 tot 8 jaar en in het beschermde milieu van gevangenschap wel 30 jaar. Slakken verplaatsen zich met behulp van hun gespierde zool, die omwille van hechtfunktie van slijmklieren is voorzien (vandaar het slijmspoor) en die vnl. door middel van ritmische spiercontracties werkt. De hechtfunctie van de zool is zeer goed ontwikkeld en deze kan zich dan ook als een ware zuignap op een bepaalde plaats verankeren.


Hoe en wat eten ze?

De slakken hebben een raspachtige tong, deze tong wordt radula (=krabber) genoemd. Op zo'n tong zitten wel 100.000 hele kleine tandjes waarmee de slak plantaardig voedsel afschraapt


Vijanden van de wijngaardslak.

In het juveniele (=jeugdig) stadium wordt het aantal slakjes door mieren, kevers (slakkenrover), padden en andere vijanden behoorlijk uitgedund. In het volwassen stadium wordt de slak veel gegeten door vogels (lijsters en spreeuwen) en bedreigd door slakkendodende vliegenlarven. Ook de mens is een vijand van de wijngaardslak, want hij gebruikt hem voor consumptie en voor laboratoriumproeven. Omdat de wijngaardslak veel schade aanricht in tuinen proberen mensen met een tuin de slakken te weren, te verwijderen of te doden. weren kan door het oprichten van barrieres (gemalen schelpen, kalk, dennenaalden) tussen de beplanting aan te brengen of door het aanplanten van hysop, tijm, salie, ui, knoflook, rosemarijn of lavendel. Verwijderen en doden kan doormiddel van vallen en chemische middelen.


Consumptie van de wijngaardslak.

De wijngaardslak is een eetbare slak. Voor consumptie doeleinden houden en (beperkt) kweken van wijngaardslakken is al bekend sinds de Romeinse tijd. Tegenwoordig worden ongeveer 15 soorten van het geslacht Helix voor consumptie gebruikt. Alle worden in het vrije veld verzameld, omdat massale kweek tot nog toe niet gelukt is. Dit kan lokaal tot sterk bedreigde populaties leiden. Vooral in Zwitserland en Zuid Duitsland is de wijngaardslak een gewilde lekkernij. De algemene voorbereidingswijze voor slakken is als volgt: Verwijder het afsluitende deksel en was de slakken enkele malen in ruim water. Laat ze gedurende 2 uur weken met grof zout, azijn en wat bloem.
Was ze opnieuw in ruim water om alle slijm te verwijderen en blancheer ze vervolgens gedurende 5 tot 6 min. De slakken, afgieten afspoelen en uit het huis nemen.Het zwarte uiteinde verwijderen, dit is de darmuitgang.Breng nu de slakken aan de kook in half witte wijn, half water, zodat ze ruim onderstaan, toevoegen wortel, ui, fijngehakte sjalot en een flink bouquet garni, zouten op basis van 8 g per liter kookvocht, heel zachjes gedurende minstens 3 uur laten koken. De slakken in het kookvocht laten afkoelen en vervolgens uit de schelp halen de lege slakkenhuizen uur later koken in sodawater, daarna afgieten, in een ruime hoeveelheid vers water wassen en op een doek laten drogen. Tenslotte kun je de slakken verwarmen of bakken of grillen met boter of azijn of wijn en kruiden,uitjes, knoflook, paneermeel enz.


Bescherming.

De wijngaardslak is een plaag voor de tuinliefhebber, van belang als laboratoriumdier en bovendien een geliefde delicatesse. Deze status is een bedreiging voor deze slakkensoort en dus reden waarom de wijngaardslak in een aantal landen (waaronder Nederland) wettelijke bescherming geniet. In Zuid-Limburg wordt de wijngaardslak al sinds 1073 n. Chr. wettelijk beschermd. Op 2 juli 1999 is in Nederland de nieuwe flora- en faunawet van kracht geworden. In deze wet wordt omschreven welke inheemse soorten voor bescherming zijn aangewezen. Voor Fauna is dit gebeurt in artikel 4 sub 1 en sub 2:

Atikel 4 sub 1
Als beschermde inheemse diersoort worden aangemerkt:

a) alle van nature in Nederland voorkomende soorten zoogdieren, met uitzondering van gedomesticeerde dieren behorende tot bij algemene maatregel van bestuur aangewezen soorten en met uitzondering van de zwarte rat, de bruine rat en de huismuis;
b) alle van nature op het Europese grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie voorkomende soorten vogels uitzondering van gedomesticeerde vogels behorende tot bij algemene maatregel van bestuur aangewezen soorten;
c) alle van nature in Nederland voorkomende soorten amfibieen en reptielen en 
d) alle van nature in Nederland voorkomende soorten vissen, met uitzondering van de soorten waarop de Visserijwet 1963 van toepassing is.

Artikel 4 sub 2
Als beschermde inheemse diersoort kunnen voorts bij algemene maatregel van bestuur worden aangewezen diersoorten die van nature in Nederland voorkomen en die:

a) in hun voortbestaan worden bedreigd of het gevaar lopen in hun voortbestaan te worden bedreigd;
b) niet noodzakelijkerwijs in hun voortbestaan worden bedreigd of dat gevaar lopen, doch ter bescherming waarvan maatregelen noodzakelijk zijn ter voorkoming van overmatige benutting;
c) uit Nederland zijn verdwenen doch ten aanzien waarvan gerede kans op terugkeer bestaat of
d) zodanige gelijkenis vertonen met soorten die zijn aangewezen op grond van het bepaalde in.de onderdelen a,b of c, dat aanwijzing ervan noodzakelijk is ter besscherming van die soorten.

De wijngaardslak wordt op grond van artikel 4 sub 2a als beschermde diersoort
aangemerkt.

Slotwoord

Het is vreemd dat er in Nederland nog steeds slakken uit het vrije veld worden gegeten. Naleving van de wet zou beter gecontroleerd moeten worden of de overheid zou de wet anders moeten formuleren.


Geraadpleegde boeken en websites.

a) Stop de plaag, Lucas Reynders e.a., De Geus (1994).

b) Dieren in de tuin, Annemarie Gorts, Kosmos (1995).

c) Nieuwe dierengids, Stichmann en Kretzschmar, Tirion, (1996).

d) Zoogdieren en andere Landdieren, Dr. Pat Morris e.a., Reader's Digest (1986).

e) Werk Encyclopedie, Oosthoek, (1985).

f) Encarta (R) Encyclopedie Winkler Prins (1999).

g) Het kookboek van de klassieke keuken, A. Escoffier, Hes, (1985).

h) http://wettenbank.sdu.nl/cgi/showlawtext/hl/lnv:57479/3/0/W5685B1s