Slangen

Werkstuk van Suzan - groep 8 - De Wadden


Hoofdstuk 1; slangen algemeen

Hoofdstuk 2; gifslangen

Hoofdstuk 3; hoe komen ze aan voedsel

Hoofdstuk 4; voortplanten

Hoofdstuk 5; woongebied





Informatiebronnen:
internet (o.a. http://corbis.com )
Computer encyclopedie

Voorwoord;
Spreekwoorden over de slang;
Listig als een slang
Een adder aan je borst koesteren
Een addertje onder het gras vinden
Met gespleten tong spreken

U heeft er vast wel eens van gehoord die toespeling op de slechte reputatie van de slang.
Een slang kan over het algemeen weinig goeds doen bij de mens.
Allerlei slechte eigenschappen kennen we haar toe. Zij zou moordlustig en achterbaks zijn,
Om over haar sluwheid en haar vals en agressief gedag maar de zwijgen.
In werkelijkheid ligt het echter gelukkig anders.
Een slang is een evenwichtig, nuttig en interessant dier die zeker niet de slechte plaats verdient die velen haar toekennen.


Hoofdstuk 1
Slangen algemeen

Slangen vormen de onderorde Serpentes.
Slangen zijn reptielen die een kruipende beweging maken om zich te verplaatsen, waarvan de huid bedekt is met hoornschubben. Ze hebben een langgerekt lichaam zonder poten, meestal met een korte staart.
Alle slangen hebben scherpe tanden. Bek en keel kunnen zeer wijd open door o.a. een elastische verbinding tussen de schedelbeenderen., zo kan de bek over een zeer grote prooi worden geschoven.
De linker long is klein of afwezig. Ook de urine blaas ontbreekt.
De oogleden zijn vergroeid tot een doorzichtig venster. Een uitwendig gehooropening en een trommelvlies ontbreken, bodemtrillingen worden goed waargenomen, ook reuk-smaak- en tastzin zijn zeer goed.
De meeste soorten leggen eieren.

Er zijn wel 3000 soorten slangen op de wereld. Je hebt kleine slangen die 20 cm lang worden en de grootste slangen die wel 15 meter lang kunnen worden.
Sommige slangen kunnen wel 200 kg wegen. 
Slangen kunnen ongeveer tussen de 20 en 40 jaar worden.
De natuurlijke vijanden van de slang is de roofvogel.
Als een slang dood gaat en hij blijft onder de grond en hij wordt opgegeten door beestjes, zul je denken dat er geen skelet overblijft, omdat ze op de grond ronddwalen. Maar jawel hoor !!!
Ze hebben een skelet. Van de 150 tot 400 wervels zijn er 300 beweeglijk; alle wervels, behalve van nek en staart, dragen een paar ribben.
Als een slang gaat vervellen, gaat hij met zijn neus tegen een hard oppervlak wrijven.
Daarna wringt hij zich uit zijn oude huid. Ook de doorzichtige ogen komen er binnenste buiten af. Het nieuwe vel zit er direkt onder en het dier heeft weer een prachtige frisse kleur.

De Egyptische Cobra is net zoals zijn Aziatische neef, de Indische Cobra, een dier dat al lange tijd de mensheid tot de verbeelding spreekt. In de tijd van de farao’s werden haar allerlei heilzame eigenschappen toegekend die tot de verbeelding spreken. Op de dodenmaskers van de farao’s en op de hoofdtooien van de priesters vinden we afbeeldingen en sculpturen van deze cobra.
De Cobra werd in het oude Egypte vereerd. De dieren waren heilig en werden om die reden ook wel gemummificeerd om samen met de gestorven farao, of een andere hoogwaardigheidsbekleder, in de pyramide’s begraven te worden. 
Opmerkelijk is dat cobra’s in twee culturen, de Egyptische en de Aziatische, die voor elkaar toen onbekende waren min of meer eenzelfde status aan de cobra toekenden. Puurtoeval of is de Cobra toch meer heilig dan wij vermoeden ??

De Cobra [Naja naja naja] die bij een slangenbezweerder in een mand zit en danst op de muziek van de fluit voert een ogenschijnlijk, levensgevaarlijke show op met deze dieren. Zoals u weet zijn slangen doof. De slangenbezweerders fluit dient dan ook alleen maar om het showeffect te verhogen. De slang lijkt op de muziek te dansen, maar in werkelijkheid volgt de slang de ritmisch heen en weer bewegende punt van de fluit.





Hoofdstuk 2
Gifslangen 

Slechts een derde van de slangen zijn giftig. Als je de jungle in gaat moet je goed uitkijken want als je gebeten wordt door een gifslang kun je al dood gaan van een druppeltje gif.

De Mamba [Dendroaspis] is een van de giftigste slangen ter wereld.
Buiten de grote giftanden van de Mamba in de bovenkaak zitten er ook een paar zeer lange tanden midden in de onderkaak.
De Zwarte Mamba is met zijn lengte van meer dan 4 meter de grootste van de Mamba’s en bovendien erg onberekenbaar en prikkelbaar. Hij is slank en heeft een hoekige kop, een lange staart. 
Het gif van de Mamba is een zenuwgif. Vooral de beet van de Zwarte Mamba werkt snel en hij is dodelijk als er niet snel een serum wordt toegediend. Hoewel het gif minder krachtig is als van de gewone Cobra, kunnen Koningscobra’s zoveel inspuiten dat het slachtoffer binnen een uur of soms als binnen enkele minuten bezwijken. Van de gifslangen is niet alleen de kracht van het gif van belang, maar de hoeveelheid die wordt ingebracht. Dat kan per beet verschillen.

Het gif van de slang heeft 2 funkties, allereerst dient het gif als verteringssap. Slangen hebben geen poten en kunnen hun prooi niet verscheuren. 
In de tweede plaats heeft gif de funktie van verdediging tegen vijanden buiten de eigen soort.
Gebruik van gif tegen soortgenoten is nog nooit waargenomen.
Er is een slang is Australie, familie van de Taipan [Elapidae], die met 1 druppel gif wel 217.000 muizen kan doden.



Hoofstuk 3
Voedsel zoeken

De meeste slangen vangen hun prooi heel makkelijk. Sommige slangen wachten af tot de prooi komt. Ze ruiken met hun tong want ze kunnen niets horen.

Als de slang klein is maakt het niet uit wat ze eten, maar ze hebben niet zo’n grote bek als de grote slangen. De kleinere slangen kunnen wel een muis doden en ze eten slakken met huisje, mieren en kleine eieren.
Grotere slangen zoals de Anaconda [Eunectes murinus]en andere grote slangen eten kaaimannen [soort krokodil], geiten of kinderen.

Pythons [Pythoninae] en Boa`s [Boidae] wurgen hun prooi totdat die dood is. Hun bekken zijn zo groot dat er zelfs een wild zwijn in past.

Sommige slangen hebben een schutkleur, want als de prooi langs komt ziet deze de slang niet en wordt de prooi gegrepen. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden is de Zwarte Mamba niet zwart maar grijs, grijsbruin of olijfbruin

Bij de Cobra, Anaconda en de Mamba bestaat het voedsel uit knaagdieren, vogels en hun eieren, hagedissen, kreeften en vissen. Met groot genoegen overvallen ze kippenhokken en eten ze de eieren en kuikens op.



Hoofdstuk 4
Voortplanten

Als de paringstijden komen, dan zoeken de mannetjes een vrouwtje. Dat is meestal in de lente net voor de regenseizoenen in de tropen.

Als ze gepaard hebben zoekt het vrouwtje een warm plekje op bij een rottende boomstam of onder een rots. 
De meeste slangen laten de eieren alleen. De kleine slangetjes moeten het dan zelf uitzoeken.

Bij de Cobra is het anders. Het vrouwtje legt ongeveer 20 eieren. Het mannetje en het vrouwtje beschermen de eieren tot ze uitkomen. Dan moeten ze zelf op zoek gaan naar eten en voor zichzelf zorgen.

Alle Python slangen leggen eieren. De grootte van het aantal eieren varieert zeer sterk. Het kunnen 8 eieren zijn maar ook 100. het vrouwtje legt de eieren op een bultje, rolt zich om het bultje heen en broedt ze zo in 2 a 3 maanden uit. Niet bij alle soorten is dat precies gelijk.
Er zijn ook soorten die de eieren alleen bewaken. Maar zij die ze uitbroeden bedekken de eieren ook nog met hun kop en een deel van het bovenlichaam. Hun lichaamstemperatuur is in die tijd meerdere graden hoger dan de buitentemperatuur.

De Anaconda baart levende jongen. Een wijfje kan tot 72 levende ca 1 meter lange jongen ter wereld brengen.



Hoofdstuk 5
Woongebied

De meeste slangen leven op het land, maar er zijn ook waterslangen. Alle slangen kunnen zwemmen, de meeste ook klimmen.

In Afrika leven 3 soorten Pythons, de Rotspython, de Koningspython en Angolapython. In India en China komen ook een groot aantal pythonslangen voor.

De verschillende pythonsoorten hebben ook verschillende soorten gebieden waar ze leven. De ene soort houdt van vochtige gebieden, een ander van rotsachtige streken en weer andere geven de voorkeur aan dicht oerwoud of open grasland. 

De Groene Mamba en de Jameson Mamba zijn bosbewoners en geven de voorkeur aan het vochtige regenwoud. De Zwarte Mamba geeft de voorkeur aan de droge savanne. 

De Anaconda kan men terugvinden in de moerasgebieden en de langzaamstromende waterlopen in het noordelijk deel van Zuid-Amerika tot in de westelijke Andes.

De Cobra leeft bij voorkeur in de jungle, maar leeft ook in de droge gebieden van noord-Afrika tot India en ligt vaak onopvallend in het zand.