|

|
Zeehond
Hacer
|

|
 |
| Photo by Salko de Wolf, copyright EcoMare, Texel |
Zeehond
De zeehond is het enige zoogdier dat in Waddenzee leeft. Miljoenen jaren geleden was hij nog een landdier. Toen in de loop van de evolutie de dieren door allerlei veranderingen in het aardoppervlak gedwongen werden hun leefwijze aan te passen moesten de voorouders van de zeehond zich leren handhaven in zee. Hetzelfde lot ondergingen de grote zeeolifant, de zeekoe, de zeeleeuw en de andere zeehondensoorten. Deze zoogdieren hebben geleerd om zowel op land als in zee te leven. Er zijn ook zoogdieren die helemaal zeedier geworden zijn zoals walvissen en dolfijnen. Alleen om adem te halen komen die nog naar boven. Zeehonden zijn typische kustbewoners. Ze leven weliswaar in zee maar op het land worden hun jongen geboren en gezoogd. En vooral tijdens de verharing van hun pels liggen ze graag op het droge te luieren in de
zon.
Aanpassing van de waddenzeehond .
Bij de meeste zeehondensoorten duurt het zo'n drie tot vier weken voor de pasgeboren jongen hun zware langharige babyvacht verliezen. Dat extra dikke jasje beschermt de kwetsbare zeehondenbabies tegen te sterke afkoeling. Maar als zo'n zware vacht nat wordt werkt het averechts; het opdrogen in de wind veroorzaakt dan juist een te sterke afkoeling. Het zeehondenjong loopt dan grote kans te sterven aan een longontsteking. Zolang het jong z'n langharige babyvacht heeft kan hij dus maar beter niet het water in. Die eerste drie vier weken blijven de zeehondenjongen dan ook op het droge.
 |
| Geen witte vacht voor Waddenzee-zeehonden! |
Een jong van een Waddenzeehond echter wordt tijdens eb op een drooggevallen zandbak geboren en moet binnen 6 uur voor de bank weer overspoelt kunnen zwemmen. Daarom verliest een waddenzeehondenbaby zijn witte langharige vacht al voor z'n geboorte. Hij komt in z'n gladharige vel uit de moederbuik te voorschijn. Zo kun je na de geboorte van een zeehond op een zandbak dan ook bij de nageboorte hele plukken lang wit haar vinden. Als zo'n jong te vroeg wordt geboren is hij zijn witte vacht nog niet helemaal kwijt. Ook hij loopt dan kans te sterk af te koelen en een longontsteking op te lopen. Te sterke afkoeling door verdamping van het water uit de natte pels is voor volwassen zeehonden wel niet levensgevaarlijk maar zeker ook niet aangenaam. Dat is dan ook de reden dat je 's winter veel minder zeehonden ziet dan zomers. Ze hebben dan geen zin om met hun natte pels in de koude wind op een zandbak te gaan liggen en blijven zoveel mogelijk onder water. Zeehonden kunnen onder water heel goed zien en ze kunnen vijfhonderd meter onder water. Sommige soorten kunnen zelfs een halfuur onder water blijven.
De Californische zeeleeuw leeft aan de kust van Californië. Tijdens de paartijd gaan de mannetjes naar een gemeenschappelijk ontmoetingsplaats waar ze vechten om een vrouwtje. Het sterkste mannetje krijgt de meeste vrouwtjes. Gedurende de hele paartijd nemen de zeeleeuwen geen voedsel. De gewone zeehond komt voor in de zeeën en meren van Noord Europa. Op het land beweegt hij zich voort door kronkelende bewegingen te maken maar in het water voelt hij zich meer thuis en geen vis kan dan aan hem ontsnappen.
Hij slaapt in een verticale houding in het water. Tijdens het slapen komt hij even naar de oppervlakte om adem te halen. Zeehonden krijgen meestal een jong dat er drie jaar over doet om volwassen te worden.
Zoogdieren en Reptielen.
Zoogdieren in zee en langs de kusten leven vooral in de koude streken; bij de noordpool ijsberen en bij de zuidpool zeehonden en zeeotters. Zulke dieren halen hun voedsel uit het water. Ze jagen onder water op vis of plankton. Daar zijn ze veel sneller dan op het land. Maar voor het krijgen van jongen of om uit te rusten moet er toch altijd land in de beurt zijn. De zeehonden in de Waddenzee liggen bij eb in groepen uit te rusten op zandbanken.
 |
Young, male hooded seal (Klapmuts), stranded on Texel on August 31, 1996.
Photo by Salko de Wolf, EcoMare |
Andere zeehonden soorten.
Een andere zeehonden soort is de Klapmuts komt in de zelfde gebieden voor als de Zadelrob. De naam Klapmuts dankt hij aan de losse huid die als een zak over de kop van het mannetje hangt. Als hij opgewonden is kan hij die als een soort muts opblazen. De jongen zijn alleen wit op de buik hun rug is blauwgrijs. Ook Klapmutsen zijn het slachtoffer van zeehonden jacht. In Canada worden er elk jaar vergunningen afgegeven voor het doden van zo'n 15.000 Klapmutsen. Ondanks protesten over de hele wereld is de zeehondenjacht in Canada nog steeds niet verboden.
Organisaties als Greenpeace en het International Fund For Animal Welfare hebben veel protestacties gevoerd tegen het doodknuppelen van zeehondjes in Canada. Ze probeerden de jagers te verhinderen bij de zeehondjes te komen of maakten met een lik groenen verf de witte vacht ongeschikt voor de bontindustrie. Als er hoge golfen of als het jong moe wordt gaat de moeder zo langzaam voor het jong zwemmen dat deze als het ware in haar kielzog wordt mee gezogen. Het contact tussen moeder en kind is bij zeehonden heel belangrijk. In de zoogtijd wijdt een zeehondenmoeder zich vier weken lang helemaal aan de verzorging en opvoeding van haar kind. Als de zandbanken tijdens eb droogvallen voedt zij daar haar jong. De vette zeehondenmelk 45% vet in terwijl koeienmelk ongeveer 4% bevat!
Een zeehondenjong heeft al dat vet ook wel nodig want hij moet reserves kweken in een dikke speklaag voor straks als hij voor zichzelf moet gaan zorgen en dat niet meteen lukt. Zodra een zeehondenjong het contact met z'n moeder verliest begint hij klagelijk te huilen. Als de moeder nog in de buurt is kan ze op dat geluid afkomen. Voor ze het jong weer laat drinken zal ze het wel eerst even besnuffelen. Als de geur haar vreemd is zal ze het jong meestal verstoten. Als er een enkele maal tweeling geboren wordt zal meestal maar een van de twee jongen het redden. Zodra een van de twee een andere kant opzwemt is het met hem gebeurt dan is hij ook een huiler geworden. De moeder moet vlak bij haar jong blijven en kan tenslotte maar op een plaats tegelijk zijn. Gelukkig worden er bijna geen tweelingen geboren: minder dan 1%
Hacer (groep 7 - grade 5).